Over lawaaimakers en lelijke schoenen

Dag 8 van 40 dagen bloggen. Nog 32 en het is Pasen

Ik hou van de stilte ne ik hou ervan om rustig op mijn gemak een boekje te lezen op de treion. En dan komen er tot 3 keer toe lawaaimakers mijn rust verstoren. Niet gewoon verstoren. Ze laten na om hun GSM tegen hun oor te houden. Als ik wil lezen, wil ik totale rust en geen deelgenoot zijn van echtelijke ruzies of krijsende baby's. Het maakt van mij geen egoïst. In het belang vna de hele maarschappij pleit ik voor stiltewagons. Gezellig samen zitten met mensen die ook van de stilte houden. Het bestaat in Scandinavië. En zelfs als iemand vergeet dat je de GSM uit zet in die wagons, wijst een vriendelijke stilteminnaar je beleefd op het stilteplakkaat. 
Stilte doet iedereen goed. In drukke tijden hebben onze hersenen rust nodig. Ik ben dus echt geenoud vervelend, autistisch of egoïstisch wijveke omdat ik van de stilte hou. Ik denk  ook aan de gezondheid van anderen. Als onze 5 ministers van volksgezondheid zorgen voor stiltewagons, vergeef ik hen misschien een aantal maatregelen die ze in het verleden namen.
Ik ben geen oud vervelend, autistisch of egoïstisch wijveke omdat ik van de stilte hou

Zaterdagmorgen kwart na 7. Ik reis naar Leuven met de trein. Gepakt en gezakt met water, gezonde tussendoortjes om aan alle boterkoeken in de stations te weerstaan, OORTJES en GSM en e-reader.

Daar hou ik nu echt van. In alle stilte in een hoekje op de trein zitten lezen. Meer dan anderhalf uur aan een stuk lezen. Dat is luxe.

Mannen met lelijke schoenen

Mijn avontuur begint al op het perron van Geraardsbergen. Ik haal mijn e-reader boven en lees. Doordat ik naar beneden keek, zag ik plots schoenen passeren. Wit en groen en blink. Vooral de blink, metaal op de tenen, de hielen en aan de zijkanten was afschuwlelijk.

Mijn hersencellen gingen op zoek naar mogelijke herinneringen waar ik ooit dergelijke schoenen had gezien. Nergens.

En deze week mocht ik in verschillende wachtzalen modeboekjes doorbladeren (die zijn terug!) en neen dergelijke (in mijn ogen zeer lelijke) schoenen waren nergens te vinden.

In mijn hoekje op de trein zag ik de schoenen voorbij komen. Zij namen enkele zetels voor mij plaats. Plots ging zijn telefoon. De man dacht aan zijn eigen gezondheid en hield zijn GSM op een halve meter afstand, waarschijnlijk met de bedoeling om zijn hersenen en oren te sparen van de ongezonde stralen. Bovendien was het geluid van het krijsend kind aan de andere kant van de lijn niet te harden.

Sh.t.

De man spaarde zichzelf maar maakte een hele wagon, waar eigenlijk niet veel mensen in zaten, deelgenoot van dit huiselijke tafereel. The shoe-lover vond het bovendien nodig om zijn vaderrol op afstand op te nemen en riep bijna luider dan het kind om het te paaien.

Nergens staat op de trein dat we met elkaar rekening moeten houden wat decibels betreft. Enkel dat we de trein proper moeten achter laten.

Er zat niets anders op dan te verhuizen.

En toen werd ik kritisch.

Keuvelende vriendinnen. Leuk maar nu niet.

Een slapende man. Nu was het nog in stilte maar ik heb het anders meegemaakt, mensen die ineens begonnen te snurken en wat niet is, kan komen.

Twee of misschien drie wagons verder kwam ik tot rust. Dicht bij de deur voor het geval ik weer op de vlucht moest slaan.

Ik haat bepaalde vormen van lawaai.

En ik haat te veel lawaai op de trein niet omdat ik een oud vervelend, autistisch of egoïstisch wijveke ben. Mijn hersenen kunnen bepaalde geluiden gewoon niet (meer) aan. De rust op de trein is voor mij luxe. Ik hou er van, ik snak er soms naar. De trein is in optimale omstandigheden een plaats waar IK tot rust kom. Of ik helemaal in stilte mijn boekje lees? Neen, maar er bestaat zo iets als een koptelefoon en ik denk dat de alfagolven of de natuurgeluiden die mij nog meer rust en concentratie brengen, een ander niet boeien. Vandaar mijn oortjes.

In Brussel-Zuid stapte ik over op de trein naar Leuven. En daar waren ze weer. Twee lelijke blinkende schoenen. Ongeveer hetzelfde model maar in een ander kleur. Een andere man. Zo concludeerde ik uit de kleur. Zou het toch mode zijn?

Ik stapte als eerste op de trein en terwijl ik mij installeerde om verder te lezen, passeerden die schoenen mij en gingen ze enkele rijen voor mij zitten. Bijna zelfde scenario maar deze shoe-fanaat had een gesprek met een man in een taal die ik niet begrijp. Uit de emoties die er aan te pas kwamen, leidde ik af dat dit een gesprek op leven en dood moest zijn. Maar het duurde mij te lang en opnieuw ging ik binnen de trein op zoek naar een stille plaats. Moeilijk te vinden. Intussen was het half 9 en meerdere mensen zaten gingen met de trein op reis.

Een stiltewagon in Denemarken

In Denemarken nam ik de trein. Per ongeluk ging mijn GSM af. Een vriendelijke man wees mij in stilte op de pictogram die duidelijk maakte dat dit een stiltewagon was. Ik bedankte zonder geluid te maken.

Lees duidelijk, ‘hij wees er mij in stilte op‘. In de scholen in Denemarken viel het mij op dat leerkrachten met een ketting rond de hals liepen waaraan verschillende pictogrammen hingen: Dikke duim, stilte gevraagd, vraag uitleg aan een buurtje, tijd voor ontspanning, je mag stoppen….

In de klassen en kinderopvangcentra hing een heerlijke rustige werksfeer. Er werd afgesproken met welke stem op elk moment zou gesproken werd. Van de fluisterstem, over de spreekstem naar doe maar lekker luid. Zonder veel woorden werd dat verwacht en afgesproken met de groep.

De Denen zijn een volk met een groot verantwoordelijkheidsgevoel en oog voor mentale gezondheid. Mensen die preventief denken. I love it.

Het kan anders

Een stiltewagon gecombineerd met een groot verantwoordelijkheidsgevoel? Dat zou ik waarderen. Er moeten geen boetes aan vasthangen, de overheid moet er niet aan verdienen. Geef ons gewoon een wagon met een pictogram waarop staat dat we elkaar niet storen en elkaars stilte respecteren. En laat ons elkaar respecteren.

Nu meerdere studies uitwezen dat stilte fantastisch helend is voor het mensenbrein, moet toch één van de 5 ministers van volksgezondheid er op komen om stiltewagons in te voeren?

Ik hou van de trein. Zij kennen de trein vaak niet. Zij hebben chauffeurs. Zij kunnen in stilte lezen op de achterbank. Zij beseffen waarschijnlijk niet hoe geprivilegieerd zij zijn.

Kijk, na de vele voor mij soms nutteloze maatregelen, waar ik niet publiekelijk over klaagde, mogen onze ministers van volksgezondheid in samenspraak met de NMBS mij dit plezier wel doen. Misschien krijg ik dan nog (een beetje) sympathie voor 1 of wel 2 van hen. Ik respecteer al hun voorschriften en dat mondmasker op de trein is voor mij meestal niet nodig. Ik hou afstand en als er geen afstand is, neem ik mijn verantwoordelijkheid.

Maar een stiltewagon … dat is voor mij een zoete droom, een ultieme wens.

In 2003 schafte de NMBS de wagons voor de rokers af. Er zat ook niet meer zoveel volk in. Maar ik koos er vaak voor. Stilte was voor mij toen al zo belangrijk dat ik er mijn longen voor riskeerde. Na een drukke dagtaak een uurtje stilte op de trein vooraleer ik naar huis bij twee pubers en een kleuter treinde. Zalig.

Ik ben dus geen oud wijveke die niet tegen lawaai kan, ik ben eigenlijk al altijd zo een beetje geweest, zelfs toen ik JONG, actief, gestresseerd en een klein beetje autistisch was.

(En mannen nog geen lelijke sneakers met veel blingbling droegen.)

Klasbakken, topwijven, knallers op wie de tijd geen vat heeft

Dag 7 van 40 dagen bloggen

Vandaag 8 maart is het internationale vrouwendag.

Ik dacht even na welke de meest boeiende vrouwen waren die ik het voorbije jaar leerde kennen. Door CORONA las ik veel boeken en leerde ik veel boeiende vrouwen kennen. Maar ik koos er 3 uit. Twee ervan zijn rijpere vrouwen. De oudste is Edith Eva Eger, een 90 er holocaust overlever, psychotherapeute en auteur van de boeken ‘De Keuze en Het geschenk’.

Tina Turner, een 80er is de tweede. Natuurlijk kende ik Tina maar ik leerde haar dit jaar op een heel ander manier kennen. Ze schreef het boek ’Geluk staat je goed’ waardoor ik ook de muziek ‘Beyond’ leerde kennen. Dat is een nieuw project van Tina met prachtige spirituele muziek die tot in de kern van mijn cellen gaat.

De derde is Binu Singh, kinderpysychiater. Inmiddels krijgt haar zeer vooruitstrevende en op de menselijke natuur gebaseerde visie op de opvoeding van de kleinste kinderen meer en meer aandacht. Terecht

Edith Eger

Edith Eva Eger was zestien jaar oud toen ze in 1944 naar Auschwitz werd gedeporteerd. Haar ouders werden direct naar de gaskamer gestuurd en Edith werd gedwongen om voor Mengele te dansen. Haar onverschrokkenheid hielp haar en haar zusje te overleven, al waren ze nog maar nauwelijks in leven toen het kamp eindelijk werd bevrijd. In haar boeken staan niet alleen de gruwelijkheden van de holocaust beschreven maar vooral hoe ze er mee is omgegaan. Zo vertelt ze dat ze in Auschwitz gevangen zat maar zich vrij voelde in haar geest. Jarenlang heeft ze niet kunnen/durven praten over haar verleden. Zij was toen de gevangene van haar herinneringen en leed. Veel mensen lijden dagelijks in de gevangenis van gedachten waarin ze zichzelf houden. Ze vertelt hoe ze als psycholoog haar cliënten al jarenlang helpt om zich uit hun eigen gedachten te bevrijden, en hoe iedereen uiteindelijk voor vrijheid kan kiezen. Kijk, dat waren boeken die mij naar de keel grepen en waarvan ik denk dat leeftijd er niet toe doet. Oudere mensen hebben ons veel te leren. Maar waarderen we dat wel voldoende en geven we hen voldoende kansen om hun verhalen te vertellen?

Tina Turner

Wij waren in Gent Expo in 1996 op het optreden van Tina Turner. Ik was zwanger van onze jongste. Ik kijk naar haar en bedacht wat een energie, uitstraling, ritme en stem deze ‘oude dame’ had. Nu ben ik zelf ouder dan de leeftijd die zij toen had. En ik voel me ook niet echt oud.

Deze dame schreef een fantastisch boek over haar leven ‘Geluk staat je goed’ waarin ze haar leven vertelt en vooral dat energie en geluk van start binnen je eigen hart, ziel en lichaam. Ze vertelt het geheim van haar uitstaling.

Ze is vooral een positief mens, ook al is dat anders geweest. “Mensen denken dat ik een zwaar leven heb gehad, maar ik zie het als een geweldige reis,” zegt ze. Haar mindset is te vergelijken met die van Edith Eger want ook zij is ervan overtuigd dat de ideeën over de uitdagingen vaak belangrijker zijn dan de problemen zelf. “Hoe ouder je wordt, hoe meer je beseft dat het niet gaat om wat er is gebeurd, maar hoe je er mee omgaat.”

In het boek vertelt Tina Turner openhartig over haar eigen spirituele ontdekkingsreis en hoe deze tot persoonlijke groei, enorme succes en vooral intense geluk leidde. In deze intieme vertelling, deelt ze de inzichten die haar leven veranderden en hoe het boeddhisme haar steun en toeverlaat werd. En inspireert ze de lezer aan de hand van tijdloze principes uit het boeddhisme om zelf ook geluk te omarmen. Tina Turner worden we misschien nooit – maar met deze krachtige inzichten kunnen we wel net zo stralend in het leven staan als zij. Ze bewijst tevens dat ze veel meer dan een rockster is. Ze is een inspiratie die laat zien dat geluk van iedereen is.

Terwijl ik dit schrijf, luister ik naar haar muziek. Mantra’s. Iets wat ik vroeger niet beluisterde. Zalig.

Binu Singh

Ik leerde Binu Singh kennen via ‘Alleen Elvis blijft bestaan’. Ze is een klassiek opgeleide kinderpsychiater die de inzichten van het Oosten, ze is Indische laat samen vloeien met de inzichten die ze kreeg vanuit haar eigen cultuur. En deze combinatie zorgt ervoor dat ze mensen aanzet om op een andere manier naar baby’s en kleine kinderen te kijken en ze intenser en op een natuurlijke manier te verzorgen en te koesteren. De baby’s praten niet maar problemen met baby’s geven inzicht in wat er fout loopt in de maatschappij.

Ik pikte enkele uitspraken van Binu Singh om inzicht te geven in haar denken. Om deze dame echt te begrijpen, moet je de tijd nemen. Onlangs was ze in De Afspraak. Onze media is vaak te vluchtig en aast op quotes. Mensen die echt iets te vertellen hebben, hebben meer tijd nodig. En die tijd kreeg ze wel bij Thomas.

“Onhandelbare baby’s zijn vooral een signaal van hoeveel stress er in hun omgeving is. Een onhandelbare baby is een baby in nood. En weet dat daar per definitie ouders in nood zijn.”

Ze roept de samenleving op om beter te zorgen voor baby’s en hun ouders.

“Die eerste 1001 dagen in een kinderleven, van conceptie tot de leeftijd van twee jaar, zijn cruciaal voor de rest van het leven. Wat in die periode gebeurt, legt in grote mate vast hoe we later functioneren, zowel op psychologisch, sociaal als biologisch vlak. Helaas zijn de meeste hulpverleners, laat staan de rest van de maatschappij, niet op de hoogte van de mogelijke psychosociale problemen die achter reflux, huilbaby’s en moeilijke slapers schuilgaan.”

De eerste 1001 dagen dat is tot het kind 3.5 jaar is (tot de tweede kleuterklas). Hoe erg is het dat wij de mensen die net met kinderen in deze cruciale periode in hun leven

minst betalen,

minst maatschappelijk waarderen

en onvoldoende tijd geven om zich te bekwamen in hun eigen professionaliteit?

En ze roept ons op om meer voor onszelf te zorgen.

“Veel volwassenen voelen niet wat er met hen scheelt. Ze hebben hun eigen behoeftes leren te negeren. Dat soort inprentingen begint al in de wieg. Zelfregulatie leer je in de eerste jaren en is de basis van alle andere ontwikkelingen erna. Veel volwassenen sukkelen daar nog altijd mee. En dan staan we ervan te kijken hoeveel burn-outs er zijnw h bij jonge werknemers. We leren niet meer voor onszelf te zorgen. Want onze maatschappij faciliteert dat niet.”

Gelukkig luistert de overheid naar Binu Singh nu er zoveel problemen in de kinderopvang naar boven komen. Neen, we hebben niet meer controleurs en inspecteurs nodig maar mensen die het belang van de eerste 1000 dagen kennen en het belang ervan voor de rest van ons leven.

Een schouderklopje dat leidde naar een uurwerk van 25 000 euro

Dag 6 van 40 dagen bloggen

Zondagmiddag, geen zevende dag. Geen discussies van politiekers, geen slecht-nieuwsshow. In de plaats daarvan een goed gesprek. Nic Balthazar praatte met Elke Van Hoof.

Het is OK om niet OK te zijn

Daar zijn we het natuurlijk allemaal over eens. We begrijpen dat mensen al eens een mindere dag kunnen hebben. Dat de gezondheid kan tegenvallen en dat de kleine baby iemand uit zijn slaap kan houden. Dat het werk kan tegenvallen… Om het even. Het kan. En je mag het al eens zeggen. Dat is allemaal OK.

Maar we kennen allemaal onze eigen reactie als mensen spontaan vragen hoe het met ons gaat. ‘Goed’ zeggen we, terwijl het niet zo is, al is het maar om die andere niet in verlegenheid te brengen. Mensen die zelf goedgezind zijn, houden niet van watjes. Dus we zeggen gewoon ‘goed’.

Maar soms zijn we wel eerlijk en vertellen we wat er ons echt scheelt. Of proberen we te vertellen wat er echt aan de hand is. Op een receptie bij voorbeeld is dat buiten de verwachtingen van de vraagsteller. Die had nu echt niet verwacht dat er een ‘minder goed’ zou komen. En eigenlijk wachten mensen ook niet op je antwoord.  

Waarschijnlijk maakte je het ook al mee op collegiale of familiale bijeenkomsten. Iemand vraagt hoe het met je gaat maar intussen is zijn blik al zoekende om de volgende persoon te begroeten.

Volgens Elke Van Hoof wimpelen wij mensen met wie het niet goed gaat doorgaans nogal vlug af met ‘Het komt allemaal wel goed’. Of ‘Ik heb dat ook gehad, duurt enkele maanden.

Gevolg, we lijden in stilte en laten mensen lijden in stilte.

Nic Balthazar stelde voor om ‘HOEVEEL is ’t’ te vragen. Dit met de bedoeling om in een cijfer aan te geven dat het eigenlijk niet perfect gaat maar het al slechter geweest is. Elke Van Hoof veronderstelt dat we in dat geval vooral een 7 zouden geven. Om dezelfde redenen; we willen anderen niet lastig vallen omdat we weten dat de andere eigenlijk geen woorden heeft om ons te helpen en dat de onkunde nog pijnlijker kan zijn dan gewoon te zeggen ‘goed’.

How are you today?

Tijdens onze reis in Boston keken mijn vriendin en ik raar op toen we in elke winkel begroet werden en de winkeldame of – heer vriendelijk en beleefd vroeg: ‘How are you TODAY?’.

Dit ging nog net iets verder. Het feit dat de dames en heren meer specifiek vroegen naar het tijdstip, ‘today’ kwam nog geloofwaardiger over en we vonden dat we iets moesten antwoorden. Temeer daar ze leken te wachten op een antwoord.

Dus gingen we op de vraag in met ‘Het is verschrikkelijk warm vandaag’.

Misschien hadden zij een antwoord als ‘Perfect’ verwacht maar ook zij gingen in op onze reactie. En echt gebeurd, zowel bij Chanel als Tiffany’s bood men ons een koel glas water aan.

Wij voelden dan ook verplicht om iets meer prijs te geven en ik vertelde naar waarheid dat mijn vriendin de prachtige armband die ze de hele reis droeg ZELF ontworpen en gemaakt had. Ik wil er wel bij vertellen dat zij met deze armband al een ambitieuze prijs had gewonnen in Vlaanderen.  Complimenten alom.

Het is nooit tot een contract gekomen. Jammer. Maar het leidde wel tot een goed gesprek.

Bij Chanel ging het zelfs nog iets verder. Daar geraakten we aan de praat met de verkoper over zijn welbevinden als Fransman tussen de Amerikanen. De man was ongelukkig in Amerika. Hij verlangde terug naar Parijs. We haalden ons beste Frans boven om te luisteren en zijn problemen te erkennen. De man was supergelukkig dat hij zijn eigen taal mocht spreken.

‘You, you you’, de familiaire Amerikaanse aanspreking paste niet bij de stijl en status van hem noch de  winkel. Hij wou terug naar de stad waar men een verkoper met ‘Vous’ aansprak. Maar zijn vriendin wou niet mee. Omdat het vertrouwen intussen zo stevig was, durfde mijn vriendin vragen of ze een prachtig horloge, bezet met diamanten, eens mocht passen. Kostprijs 25000 euro. Hij keek rond, zag dat we met z’n drieën in de winkel waren en het mocht. Het mocht! Ook al hadden wij op voorhand gezegd dat we het niet zouden kopen. Alleen maar eens wilden voelen.

We wensten hem nog het allerbeste en beloofden, als het ooit zover kwam, hem in Parijs op te zoeken. Wetende dat wij in de vakantiekledij die wij die dag droegen NOOIT voorbij de security zouden geraken in de Chanelwinkel op de Champs-Elysées in Parijs.

Amerika blijft voor ons het land van de kansen. Een schooier vandaag, we droegen een eenvoudige short en sneakers, kan morgen een miljonair zijn. En daarom mochten we binnen en werden we nu al behandeld als prinsessen.

Zo denken ze er in Zurich niet over. Toen de steenrijke Ophrah Winfrey in een winkel informeerde naar de prijs van een handtas zei de verkoper dat het waarschijnlijk niet voor haar zou zijn. Ze was gekleed in een sweater en op sneakers. Sneakers die misschien een tienvoud kostten van die van ons.

Elke dan een nieuw avontuur, het ging maar door. Verkopers bleven vragen hoe het met ons ging vandaag. En ze bleven wachten op een antwoord. Dus wij vertelden er al automatisch bij waar we vandaan kwamen. We liepen op wolkjes. Die gesprekken waren misschien fake maar wel heel erg leuk. ‘Fantastic, it’s an excellent day, beautiful shop!’ In NO Time snapten we het spel.   

Winkelen in Boston was veel leuker dan in Vlaanderen waar verkopers heel vaak met een VEEL TE ernstig gezicht rond lopen. Zo hadden we een boeiend gesprek met de winkeldame bij Diane von Furstenberg. Tuurlijk hadden we eerst vermeld dat Diane familie is van onze koninklijke familie. Ze vroeg ons wat carrière dames in Vlaanderen droegen en wat in de winkel passend was voor een vrouwen met ambitie. We veronderstelden , afleidend uit de werkoutfits van mijn dochter en de kostuums die Hillary Clinton droeg, dat ambitieuze vrouwen in Amerika doorgaans gewoon mannen met een extra gekleurd sjaaltje waren wat hun outfit betrof. Ons afvragend of wij in short en op sneakers echt uitzagen als stylisten, gingen we vol enthousiasme met haar de winkel rond. En daar ter plaatse kwamen we tot de vaststelling dat koninginnen zoals Maxima en Mathilde vaak mooier er eleganter gekleed gingen dan onze ministers die zelf voor hun carrière hadden moesten zorgen. Vorig jaar tijdens de ‘Woman Award’ viel mij op dat onze vrouwelijke ondernemers doorgaans getuigen van een zeer goede smaak, dat in tegenstelling tot de minister van arbeid. (Ik zie uit naar de volgende editie nu woensdag.)

Waar, hoe en wanneer ‘Hoe gaat het?’

Neen, zowel in Vlaanderen als in Amerika is de vraag naar hoe het met ons gaat niet bedoeld om je diepste zielenroerselen op tafel te leggen.

“Hoe gaat het met jou?” is geen moeilijke vraag. Maar je moet al wat inzicht in sociale geplogenheden en veel mensenkennis hebben om te weten wanneer je wat moet antwoorden. Wanneer je je leven mag vertellen en wanneer een ‘goed’ volstaat.

Daarom hou ik van kleinere samenkomsten en feesten. Daar heb je de tijd om wel met de mensen te praten en kan je ECHT vragen hoe het met de ander gaat.

Of stuur eens een mailtje. Hé hoe gaat het, lang geleden! Of voeg ‘hoe gaat het met jou’ toe aan de verjaardag wensen op facebook.

Zo kreeg ik deze week een antwoord en een heel uitgebreid telefoontje.

Het deed mij echt deugd. En haar ook.

Waarom iets eenvoudig uitleggen ECHT moeilijk is

Dag 5 van 40 dagen bloggen

Waar? Of niet? Mensen met eenvoudige oplossingen zijn naïef

Ik hoor het de manager nog zeggen: ’Dat er mensen zijn die altijd eenvoudig oplossingen hadden maar dat die naïef zijn.’

Hij was die ochtend gestart met 50 slides bevindingen en mogelijke analyses. (Vechtend tegen de slaap, online vergaderen is vermoeiend, had ik geprobeerd de gedachtegang te volgen. En neen, ik val nooit in slaap als iets mij boeit.)

En toen kwamen de 20 slides voorlopige conclusies maar die moesten allemaal verder geanalyseerd worden.

En toen kwamen de To Do’s

  • Resultaten vergelijken met andere onderzoeken
  • Nog verschillende onderzoeken bij uitvinden
  • Nog meer online bevragingen
  • Nieuwe mensen aanwerven met specialisatie in data-analyses
  • Een tool ontwikkelen die al deze info opslaat
  • En een instrument ontwikkelen die alle analyses opslaat
  • En zeker, zeker zou iedereen van het hele bedrijf met nieuwe online programma’s moeten werken
  • Er zouden aanwervingen komen en natuurlijke afvloeiingen (geld geef je maar één keer uit)
  • Deloitte zou zeker aangesproken worden om het proces te ondersteunen
  • En ten slotte de vraag wie kandidaat was om dit veranderingsproces intern te ondersteunen.

Ik, naïef mens, had mijn best gedaan om te luisteren en verstond vooral niet hoe je met computerprogramma’s mensen kan enthousiasmeren. Want mijn gevoel en verstand begreep enkel dat er een gebrek aan coördinatie, motivatie en doelgerichtheid was.

Ik was zeker geen kandidaat om dit proces te ondersteunen. Onze oudste kinderen zijn inmiddels de leeftijd van de gemiddelde junior zelfs senior bedrijfsanalyst bij Deloitte ontgroeid en ik vreesde dat al wat ik zou kunnen zeggen onthaald zou worden op ‘interessant mevrouw, we nemen het mee’. Maar zeker niet opgenomen zou worden in synthesevergaderingen wegens naïef, te eenvoudig en achterhaald. (Het komt van die bomma!)

Ik had nochtans een idee over mogelijke vooral preventieve oplossingen

Ik heb namelijk ervaring met mensen en dieren en had ik kort voordien een heel boeiend boekje gelezen over goed management.

Uit het boekje leerde ik

  • Voorbeelden uit de dierenwereld die tot de verbeelding spraken
  • Waarheden die mijn hart raakten
  • Een vooruitzicht op gelukkige mensen in eenvoudige structuren als oplossing voor complexe problemen.
Eenvoudige oplossingen voor complexe problemen.

Het boekje gaat over management en tools die je kan leren van dieren. Zoals ik leerde tijd te nemen voor mezelf via onze kat, leert deze manager zijn mensen efficiënt werken via de levenswijze van de eekhoorn, de bever en de gans. Het principe haalt niet eens een volledige kwaliteitscirkel en toch voelde ik zo dat ik meteen deel wou uitmaken van het team van een oude Indiaan.

Nota tussendoor: Als je nu wil afhaken omdat je NIET voor een groot bedrijf werkt, niet doen!

Eenvoudige oplossingen hebben doorgaans het voordeel dat ze multi-inzetbaar zijn. Dat ze zelfs bruikbaar zullen zijn voor de organisatie en het gegarandeerde voortbestaan van je bridgeclub in Villa Herfstzon. Inzetbaar ook om je kleinkinderen te ondersteunen of nuttig voor jezelf en je vriendin op die lange tocht naar Compostella.

Want eenvoud is multi-inzetbaar.

De eenvoudige managementtool van Gung Ho!

Gung Ho! Is een inspirerende kreet met als doel medewerkers te inspireren. Het boek vertelt over een jonge beloftevoller vrouwelijke manager die de leiding krijgt over een verlieslatend bedrijf. Eigenlijk was het niet de bedoeling dat zij het bedrijf zou leiden maar sluiten. Iemand moest het doen en het management koos daartoe en jong en ambitieus slachtoffer en redde daarmee het gezicht van de ouders, goedgepakte en beter betaalde mannelijke werknemers. Maar zij heeft het hart op de juiste plaats en voelt zich verantwoordelijk voor de 1500 gezinnen die leven van dit bedrijf.

Ze begint haar analyses op de werkvloer. Eén afdeling leverde wel goed werk. Niemand was daar gaan kijken. Een Indiaan leidde die afdeling op een eigenzinnig manier. Hij inspireerede zich op dieren: eekhoorns, bevers en ganzen.

Eekhoorns zijn enorm gedreven in wat ze doen vanuit een noodzaak. Ze verzamelen voedsel. Zoniet, gaan ze dood van de honger. Dus de  eekhoorn ervaart zijn werk als waardevol. Het doel waarom de eekhoorn doet wat hij doet is duidelijk. Eekhoorns zijn dan ook gemotiveerd om enthousiast en gedreven aan de slag te gaan. Zelden hoor je dat troepen eekhoorns dood werden gevonden omdat ze het niet meer zagen zitten om elk jaar opnieuw dat saaie werk te doen.

Factcheck; Wij hebben hier enkele eekhoorns in de hof. Nog nooit zag ik er eentje die tegen zijn zin werkte. In het abc van gelukkige werknemer (autonomie, betrokkenheid en competentie) scoort de eekhoorn zeker heel hoog op betrokkenheid.   

Bevers bouwen in de herfst na de eerste stormen en regenbuien de beverdammen terug op. Ze werken daarbij ijverig, gemotiveerd en binnen bepaalde grenzen. Bevers weten goed en precies wat van hen verwacht wordt. De motivatie van de bever zit in de vrijheid die hij krijgt omdat hij weet wat hij moet doen. Het werk is telkens een enorme uitdaging en belangrijk. Telkens opnieuw.

Factcheck: Bevers hebben geen evaluatiesystemen nog inspecteurs of controleurs. Bevers scoren verschrikkelijk hoog op de eerste voorwaarde van een gelukkige werknemer; ze werken autonoom binnen bepaalde grenzen.  

Ganzen vliegen samen in een V. Ze wisselen elkaar constant af in het trekken van de kop en intussen  gakken ze allemaal. Het geluid, gakken, is bedoeld om elkaar te motiveren. Ze willen samen de lange tocht maken en ze willen dat iedereen mee is. Geen haantjesgedrag. Ieders talent komt aan bod want om beurt moeten ze het inzetten door de kop te trekken.

Factcheck: Sportmannen hebben daarvoor supporters en complimentjes doen wonderen. Ganzen scoren verschrikkelijk hoog op de eerste voorwaarde van een gelukkige werknemer; ze mogen hun eigen competenties tonen.

 3 voorwaarden om met enthousiasme succesvol te zijn

Om een ploeg te motiveren tot iets moet met andere woorden duidelijk zijn wat van hen verwacht wordt. Mensen moeten weten waarom ze doen, wat ze doen, de verwachtingen moeten duidelijk zijn en enkel door elkaar te motiveren wakker je enthousiasme aan.

Toen onze jongste leerde op het potje gaan, zetten wij deze tools ook in. Ze wist waarom ze het deed; kaka in de broek is beikes en zonder pamper ben je vrijer. Maar vooral het laatste was belangrijk, het gakken. Ze liep rond met haar potje door het huis om aan iedereen heel fier te tonen wat zij kon. Ze groeide en bloeide bij zoveel aandacht voor wat zij nu ook kon. Op 2 jaar was ze dag en nacht proper. Wij blij en zij ook.

En die kat van ons. Komt telkens ze een vogel of een veldmuis doodt met heel veel trots tonen wat ze deed. Liever niet eigenlijk maar het is haar natuur en de natuur van een wezen, menselijk of dierlijk moet je ten allen tijd respecteren.

Eenvoudig

Kijk, dat had ik gezegd als ik had durven spreken tijdens de online vergadering. Maar ik deed het niet. Waarom niet? Omdat je soms meer tijd nodig hebt om iets eenvoudig uit te leggen dan iets ingewikkeld. Bij ingewikkelde zaken stellen de mensen geen vragen. En het liep tegen de middag. Iedereen had honger. Waarschijnlijk kloppen de mannen en vrouwen van Deloitte nu wel overuren.

Dik betaald.  

En hoe gaat het met U Vladimir?

(Dag 4 van 40 dagen bloggen)

http://www.luc-raak.be

Kwam een vrouw bij de dokter

Terwijl we van de wachtzaal naar de consultatieruimte stapten vroeg ik haar:’ En hoe gaat het met jou?’ Ze bekeek me, viel eventjes uit haar rol, herpakte zich en zei toen verwonderd en iets wat verlegen:  “Goed”.

“Jij bent het precies niet gewoon dat mensen aan jou vragen hoe het met jou gaat”, zei ik. “Neen”, zei ze, “patiënten doen dat niet”.

Nu, ik doe dat redelijk spontaan, echt geïnteresseerd aan mensen vragen hoe het met hen gaat. Maar in haar geval vond ik dat achteraf meer dan verantwoord. Ze was ver weg van haar familie, was lang niet meer in haar thuisland geweest en ze was door de pandemie waarschijnlijk stilaan overwerkt. Die patiënten en dat huisonderwijs, je weet wel.

Maar ik was dus één van de weinigen die niet alleen aan mijn kwaaltjes en mijn kwartiertje exclusieve aandacht voor mij alleen, dacht. (Ongepaste conclusie shame on me).

Intussen kennen wij, de arts en ik,  elkaar al iets langer en hadden we al af en toe vrouwengesprekjes; over thuis, de hobby’s, mode, reizen, de school (natuurlijk)…

Ze zei wel ‘goed’. Maar kan zij als dokter antwoorden dat het echt niet goed gaat? Ze eigenlijk doodop is en vreest dat ze vecht tegen een burn-out? En dat ze eigenlijk te moe is om te luisteren naar al die aandachtzoekers, hypochonders die er beter aan toe zijn dan zij?

Neen, dat doet ze beter niet. Maar ook dan had ik voor haar klaar gestaan.

Ik ben nogal nieuwsgierig van aard en mensen boeien mij. Ja, ik ben zo. Geen roddelaar maar iemand die van mensen en vooral van de verhalen van mensen houdt.

Soms vermoed ik een grimas en veronderstel dan dat mijn gesprekspartner naar passende woorden zoekt om mij beleefd te zeggen dat het mij eigenlijk niet aangaat. Maar dat is heel soms. Mijn ervaring leert mij dat mensen graag over zichzelf vertellen. Het nadeel van de maatregelen is dan weer dat we een mogelijke grimas moeilijk kunnen zien achter de mondmaskers. Maar elk nadeel heeft een voordeel: Achter je masker kon je gezichten trekken zonder dat de ander het ziet. Ik hoop dat we die maskers voor lange tijd, liefst voor altijd, achter ons mogen laten, maar de vrijheid om heel af en toe een smoel te trekken zonder dat iemand het ziet, zal ik missen.

Ik heb jarenlang professioneel gesprekken gevoerd met mensen in stress

‘Ik wil liefst het volledige verhaal kennen’, zeg ik vaak tegen mensen die ik interview of waar ik een gesprek mee aanknoop. En door een gesprek te beginnen met een oprechte vraag: ‘Hoe gaat het met jou?’, hoop(te) ik wat rust te brengen.

“Sentimenteel en niet to-the-point” hoor ik een zichzelf rationeel noemende collega in mijn oor fluisteren terwijl ik een gesprek voerde. Ongepast natuurlijk maar ik naderde de 60 en liet mij niet uit mijn lood slaan. Ik bleef vragen stellen tot ik wist: Wie is dat? Wat drijft deze persoon? Welke motieven heeft die? Wat zijn zijn/haar visie, waarden en belangrijkste normen?

Ieder mens is en heeft een verhaal en elk detail vervolledigt dat verhaal. Soms verandert een heel verhaal op basis van enkele details.

Hoe gaat het met U!!! Vladimir?

Als het privéleven van iemand niet bepalend is voor de daden die iemand in functie stelt, waarom zagen we deze week op CANVAS de biografie van Poetin? Hoe hij als kleine jongen in armoede en op straat opgroeide, later een Russische Bond wou worden, nooit tegen zijn verlies kon….

Ik denk dat velen het met mij eens zijn dat er momenteel rare dingen gebeuren in de media. De oorlogsverslaggeving gebeurt alsof de vijand het niet kan horen of zien terwijl de wereld nog nooit zo open geweest is.

Politieke leiders vinden zichzelf belangrijk en zeggen de lelijkste dingen over de leider van de Russen. Zou ik niet doen. Uit zijn levensverhaal weten we dat hij zich gekwetst voelt door de ondergang van zijn land. Hij wil eindelijk iets wil winnen en Rusland opnieuw groot wil maken. Ten koste van alles. Zijn ego is minstens even groot als dat van Trumph en we weten allemaal dat dit ego vaak meer aan politiek deed dan de man zelf.

Serge Simonart zei het donderdag treffend in de Ideale Wereld. ‘Poetin zal pas stoppen met vechten als wij hem het gevoel geven dat hij iets gewonnen heeft.’ Zo denk ik het ook. Ik heb wel wat ervaring met haantjesgedrag en als er twee dingen zijn die mij angst inboezemen zijn dat een ego dat oververhit geraakt en een kater die in een hoek gedrumd wordt.

Gevaarlijk.

Misschien sturen we best eens iemand naar Moskou die oprecht geïnteresseerd is in hem. Die durft vragen hoe het met hem gaat. Hoe het met zijn vrouw en kinderen gaat? Of hij voldoende steun krijgt van zijn familie in zijn zware missie? Of hij ’s nachts kan slapen? Wat zijn drijfveer is? Wat hij nodig heeft als mens? Of hij zijn geest nog af en toe tot rust kan brengen? Of hij al aan lachtherapie gedacht heeft?

Je weet wel, dat soort klap dat voor sommigen sentimenteel is en niet to-the-point, maar waar ik in mijn leven al heel veel mensen mee op hun gemak gesteld heb. Ik ben zelfs zeker dat Vladimir heel graag over zichzelf vertelt aan iemand die heel aandachtig luistert en echt aanwezig is.

Misschien kan een belangrijk iemand beginnen met een vriendelijk berichtje.

‘Dag Vlad, heel de wereld zit op jouw kap maar hoe voel jij je daar bij? Steeds bereid tot een luisterend oor en een dikke knuffel Liefs Alexander”

En in Moskou: Traantjes bedwingen, krop in de keel en smelt smelt smelt. (Stel je voor)

Doden examens creativiteit?

(dag 3 van 40 dagen bloggen)

Een poging om te achterhalen waarom weinig mensen van gedichten houden

Onderwijs geven aan kinderen die daar helemaal niet om gevraagd hebben.

Lastig.
Het overkwam dichter Herman De Coninck. Hij gaf poëzie. Zijn grote liefde en in een ideale wereld had hij die liefde willen overbrengen op de leerlingen. Maar zij vroegen enkel of ze dat moesten leren voor het examen. (Het gedicht staat onderaan deze tekst.)

Wat een ontgoocheling. Hij vond dat een domme vraag. (Ik zou de schuld elders leggen.)

Hij is niet de enige. Het is het lot van elke leerkracht die houdt van poëzie. Veel leerkrachten denken wel eens dat ze in de literatuurlessen liever een score zouden geven op het genieten van. .. Maar genieten is misschien te subjectief? In de schoolcontext komt ook nog altijd dat stukje kennis bij en daar horen punten bij. Niet?

Het tragische is dat de best scorende leerlingen net degene zijn die heel preventief informeren wat ze juist moeten kennen voor het examen. En dat zijn vaak ook degene die wat ze niet moeten blokken netjes aan de kant leggen tot nooit meer.

Uiteindelijk zie je het resultaat van de literatuurlessen pas vele jaren later. Lezen ze nog poëzie als ze 30 -40 -50 zijn? En leerkrachten die de liefde voor literatuur en poëzie meegaven aan die leerlingen, worden zelden vergeten.

Ik moest ooit het gedicht ‘L’albatros van Charles Baudelaire’ par cœur voordragen vooraan de klas. Dagen was ik aan het blokken, speeltijden door, weinig geslapen, en heb gezweet alsof mijn leven er van afhing. Het werd geen succes. Midden het gedicht kreeg ik een black out. Schaamte alom, ik kon door de grond gaan. Niet alleen voor de punten maar ik ging af voor de hele klas. Dit voorval is de enige reden dat ik mij de naam van dat gedicht en de schrijver nog herinner. Ik heb het nooit herlezen.

Een woordje uitleg bij een gedicht? Of een vragenlijst?

Gisteren had ik een dichter aan de lijn. Ze vond recentelijk enorm veel inspiratie om gedichten te schrijven. Ze vliegen uit haar pols, ze geniet van het schrijven, het voelt hemels en ze kreeg er al heel mooie kritieken op.

Ze droomt er van om ze uit te geven met een woordje uitleg.

‘Een woordje uitleg, niet doen’ zei ik. Ik haat de woordjes uitleg bij gedichten. En dat idee vindt zeker zijn oorsprong in mijn studententijd.

Gedichten zijn de allerindividueelste expressie van de allerindividueelste emotie. Zo schreef Willem Kloos en dat moest ik ook leren voor het examen. Maar wat die man schreef? Geen idee.

Van een gedicht hou je of je houdt er niet van. Wat de dichter bedoelt, weet hij/zij vaak zelf niet omdat het van een plaats komt waar een mens vaak geen invloed op heeft. Uit de ziel. Of het stroomde rechtstreeks binnen uit het universum? Vaak hoor ik schrijvers zeggen dat ze hun eigen ideeën pas begrijpen als ze ze herlezen.

Neen, een gedicht voel je. En wat je er in leest, voelt of hoort is dan jouw allerindividueelste expressie van jouw allerindividueelste emotie. Vaak zijn gedichten het werk van ons hoogste weten, onze intuïtie. Schaaf je nadien te lang aan het gedicht vanuit je verstand, dan redeneer je het kapot.

Puurheid is schoonheid.

Ik ben fan van Godfried Bomans. Wij lazen in het derde humaniora ‘Erik of het kleine insectenboek’. (Prachtig boek, een aanrader maar daar kwam ik ook pas 10 jaar later achter.)

In de klas hadden wij een boekje waarin per hoofdstuk vraagjes voorzien waren. En die vragen moesten we dan in de klas of als huiswerk oplossen. Weinig creatief, een vervelende taak. Nadien was het examenstof. We prentten het verhaal en de antwoorden op de vragen in ons kortetermijngeheugen. Een maand later wisten we nog iets, twee maanden later waren we alles kwijt. Behalve dat Erik de wesp als weps aansprak want daar had onze leerkracht een grapje over gemaakt.

Bomans had die werkboekjes ook gezien. Hij vond het totaal verkeerd dat de leerlingen in Vlaanderen vragen moesten beantwoorden bij zijn teksten. Te meer omdat hij die zelf vragen NIET kon beantwoorden.

Nederlanders moesten dat blijkbaar niet doen. Ik hield plots nog meer van dat land.

Kindergedichten

We hebben natuurlijk de kindergedichten die ons hele leven bij blijven. Ze hebben een enorme waarde, als geheugentraining, spelen met taal tot talenkennis. En geloof me, kinderen kunnen daar enorm van genieten. Niet degene die het louter van buiten moesten leren maar zeker degene die plezier mochten beleven aan de rijm, het verhaal, de speelse manier van verwerken. Wij betrappen onze dementerende moeder regelmatig als ze gedichten uit haar kindertijd opzegt. Ze geniet opnieuw. Zalig toch.

Dirk Brossé en Steiner

Na 41 jaar trok ik de deur van onderwijs toe. Maar dan plots, springt mijn hart op, als ik mensen over echt goed onderwijs hoor praten. Bij voorbeeld toen ik componist en dirigent Dirk Brossé uitleg hoorde geven bij de tekst van Herman Deconinck in winteruur. Het fragment is nog steeds te zien op VRTNU.

Hij vond het jammer (“Jammer” is hier niet het juiste woord, hij wou waarschijnlijk schandalig zeggen maar hij is een beleefde man) dat creativiteit en muzische en cultuur te weinig aandacht krijgen in het onderwijs.

Hij zei dat alternatieve onderwijssystemen wel meer aandacht en oog hebben voor cultuur.

Volledig terecht noemde hij Rudolf Steiner als een grote denker. Voor wie nu nog denkt dat Steiner een pedagoog was, dat was hij niet. Steiner was een allround wetenschapper met aandacht voor de volledige mens. Hij kende en promootte het belang van kunst voor het mentale en spirituele welzijn van de mens. Voor het mens-zijn. Na een leven van wetenschappelijk onderzoek, lezen, studeren en schrijven richtte hij in 1919 de Waldorfschool op. Dit was voor hem één van de mogelijkheden om zijn kennis in de praktijk te brengen en door te geven aan de volgende generaties. Steiner stierf in 1926. Hij heeft de wereldwijde verspreiding van zijn ideeën niet meer meegemaakt.

Gelukkig komen meer en meer mensen tot het bewustzijn dat kunst even noodzakelijk is in een mensenleven als cognitieve vaardigheden. Creativiteit is nodig om te leven, te overleven en zaken de veranderen in de wereld. Kunst gaat naar de ziel en daar zit het geluk.

Ook na corona zijn creatieve denkers opgestaan. En mocht Poetin gedichten lezen, de wereld zou er nu anders uitzien.

Kunst leidt ons naar echt ZIJN, naar geluk dat duurt. Ook in bange tijden.

Geniet van het gedicht.

Het gedicht van Herman Deconinck

Toen ik ooit lesgaf, poëzie

aan de jongens die daar helemaal niet om gevraagd hadden,

was de eerste vraagmoeten we dat kennen voor het examen?

Neen, voor het leven, zei ik.

En de tweede vraag was: waartoe dient dat dan?

Ik vond dat een er domme vraag, en probeerde kwaadaardig te onthouden wie ze gesteld had.

Poëzie dient namelijk nergens toe, en dat is op zich al een verdienste.

Deze wereld wordt verpest door utilitarisme,

als iets niets winstgevend is, dan leeft het niet.

Dus leve het nutteloze.

Waartoe dient een wandeling in het bos en wat is het waard?

Wat mag zo een bos kosten?

Hoeveel kost stilte?

Ik zei dus, de nutteloosheid van poëzie is een protest tegen al wat in deze wereld aan de orde is.

Dit is de maatschappij van het HEBBEN.

Poëzie hoort tot het rijk van het ZIJN.

Herman Deconick

Wat als ik Hilde nooit had ontmoet?

(Dag 2 van 40 dagen bloggen)

Heb jij ook vriendinnen die zo af en toe uw weg kruisen en dan blijkt dat je ver van elkaar dezelfde wegen inslaat?

Heb jij dat ook, mensen die je slecht kort life ontmoette en waartegen je nooit uitgepraat geraakt?

Ken jij ook iemand die jou meer dan regelmatig verrast omdat die zichzelf constant opnieuw en vanuit een innerlijk zijn opnieuw uitvindt?

Dat heb ik met Hilde Vandebroek.

Een zalig mens vol frisse ideeën die een prachtig en praktisch boek schreef voor mantelzorgers.

Maar vandaag wil ik enkel vertellen over onze vriendschap omdat deze bijna magisch is en vol synchroniciteit zit.  

Hilde van de webshop

Ik leerde Hilde kennen op een beurs van creatieve en toffe alternatieve spullen in Gent. Ze had net als wij een onlineshop. Wij vonden haar onmiddellijk een knappe, vlotte en welbespraakte madam. Het klikte. Ze is Limburgse. De woorden rolden uit haar mond met een streepje muziek er bij. Ik leerde veel mensen kennen op de beurzen, maar Hilde bleef me bij.

We werden vrienden op facebook. Zo gaat dat en we volgden elkaar. En toen de Russen de Limburgse peren niet meer wilden kopen, kochten en aten wij uit solidariteit perenstroop.

Een volgende keer dat we elkaar spraken was op een groothandelsbeurs in Brussel. Van ver zwaaiden we naar elkaar en ik herinner me nog haar eerste woorden bij de begroeting. ‘Hoe gaat het echt?’

‘Hoe gaat het ECHT’. Uit het zelfstandig ondernemerschap neem ik zeker de positieve vibes mee. De vriendelijkheid, het enthousiasme waarmee mensen producten verkopen. De positieve vooruitzichten op gelukkige klanten en winst. De positieve onderwerpen die aangesneden werden bij elk gesprek. Je kreeg op de duur een zekere band met de leveranciers en de keuze voor net die leverancier had soms wel meer te maken met loyaliteit dan met de producten.

Die positieve mindset en de  stevige portie zelfvertrouwen hebben zelfstandigen nodig om den brode. Zonder dat lukt het nooit. En dat miste ik vaak op andere plaatsen waar ik professioneel kwam. Soms ging men daar naar mijn mening iets te vlug over naar hoe het echt was en dan vooral vanuit een negatieve mindset.

De vraag ‘Hoe gaat het echt?’ Deed mij even stilstaan.

Het ging niet zo goed met de verkoop. We hadden er meer van verwacht.

Maar ik wist dat ik die dag een heel eerlijk iemand had ontmoet. Iemand die doorheen het enthousiasme altijd zichzelf bleef en ook inzat met anderen.

Hilde de copywriter

Zij veranderde van richting, ik ging opnieuw studeren. Zonder dat we het van elkaar wisten, kozen we dezelfde weg; copywriting. Ik belde haar op om haar te feliciteren en intussen ook te informeren hoe het met haar ging. Copywriting, ik was toen aan de studie begonnen maar ik zou er pas later iets mee doen. Ik had veel vragen. Maar Hilde relativeerde. Ja, ze schreef al eens een e-book en ze had genoeg klanten maar alles was goed. En nadat we dit professionele luik afsloten, kwamen we vlug terug op ons eigen leven. En wat bleek… onze dochters volgden intussen dezelfde creatieve richting op school en we hadden beiden te kampen met de gezondheidsproblemen van onze ouders.

Hilde de mantelzorger

Het waren nooit korte telefoongesprekken, het liep altijd uit. Al is zij jonger dan ik, we zaten beiden in de situatie dat we naast ons eigen leven en gezin plots meer verantwoordelijkheid moesten dragen voor onze ouders; voor hen zorgen en voor hen beslissingen nemen.  En dat doet emotioneel iets met een mens. Voor de werkende vrouw/man tussen generaties is dat een hele opdracht en emotioneel zwaar om van diegene die verwend, gekoesterd en verzorgd werd door de ouders nu plots zelf te moeten zorgen voor hen.

We lieten beiden heel eerlijk het verdriet toe omdat we ons zo sterk herkenden in elkaars situatie en het deed deugd om een ander te horen verwoorden wat ik voelde.  

Hilde de schrijver

En laatst belden we nog eens. Ik had de Moedige Mantelzorgers al verschillende keren zien voorbij komen op instagram. Tot ze me vertelde dat ze een boek had geschreven en uitgegeven. Over mantelzorg.

Waw, dat is pas een parel vinden in de oesters diep in de modder van de zee. Doorheen de zorgen, haar inzet, de doktersbezoeken en de materiële regelingen had zij een boek geschreven om mantelzorgers te ondersteunen.

“En weet je hoeveel ik er al verkocht?” vroeg ze.

Ik durfde niet raden want net had ik een artikel gelezen dat 44 boeken een gemiddeld verkoopcijfer was. Ik kreeg onmiddellijk medelijden met al die mensen die zaten te wroeten aan een boek. Op een donker zolderkamertje terwijl de zon buiten schijnt bij voorbeeld. (Mijn fantasie slaat op hol.)

Meer dan 1000!

Intussen misschien een veelvoud? (Ook onze Brakelse bib kocht het boek.)

Mijn hart sprong op. Dit was echt verdiend. Mooi, knap. Dat ligt dus ver boven het Vlaamse gemiddelde.

Ze heeft haar uiterste best voor gedaan buiten het circuit van uitgeverijen. Ze gaf het boek uit in eigen beheer en organiseerde signeer- en infosessies op de boerderij in Diepenbeek. Dat is haar thuis, haar habitat, de plaats waar ze opgroeide en zich nu met hart en ziel inzet voor 3 generaties; ouders, haar gezin en de kinderen.

Ik zag dat ze haar boek voorstelde aan Wouter Beke. Zo geëngageerd is ze want naast de zorg voor de patiënten is er dringend nood aan geëngageerde mantelzorgers die elke dag klaar staan om hun naasten te helpen. En daarvoor ga je meteen naar de TOP, naar de minister. Ik wil niet duiken in het slijk der aarde maar dank zij mensen die zich inzetten voor anderen, blijft de gezondheidszorg betaalbaar en kunnen we onze naasten veel langer in de omgeving houden die ze zelf willen. Hilde zag goed dat er meer respect moet zijn voor moedige mantelzorgers.

Binnen afzienbare tijd zullen wij zelf ook blij zijn dat er mensen zijn die voor ons willen zorgen.

Een pakje uit Limburg

Vorige week zat het in mijn bus. Een pakje uit Limburg. Ik koester het boek en zeker de woorden die ze mij schreef.

@Hilde. Je ziet, ik schrijf terug. (Mede dank zij jouw motivatie)  Dikke dikke kus en veel dank.

Maar over de inhoud van het boek wil ik het later hebben. Samen met mijn verhaal over mantelzorg.

Als ik deze zalige vrouw nooit had ontmoet,

had ik mij deze morgen niet extra vrouwelijk gekleed, had ik niet stiekem in de spiegel gekeken of ik wel genoeg straalde om aan de dag te beginnen en had ik nu geen binnenpretjes als ik aan haar ontwapende lach denk. En heb met plezier het tweede blogje van 40 geschreven.

Hoe het nu echt gaat? Goed. Maar wel bellen zeker nog eens!

Wat als Poetin was blijven knikkeren?

(Dag 1 van 40 dagen bloggen)

Van kleine zelfs piepkleine dingen met ‘huge’ gevolgen      

Er moest toch iets zijn om opnieuw te gaan schrijven want geef eerlijk toe, het is veel te lang geleden dat ik nog een blog schreef. En ergens kriebelt er iets dat op hetzelfde moment wordt tegengehouden.

Een klein knopje werd een berg  

Ik zal je de reden vertellen. Een klein knopje op een onlineplatform. Ik vond het niet.  

Ik schrijf ook blogs op een online platform van een klant als onderdeel van haar contentmarketing. De blogs zijn geschreven maar ik weet niet hoe ik die kan publiceren. Alles staat klaar, nog 1 extra handeling om alles perfect in orde te krijgen. Ik zocht en zocht en gaf het op. Gevolg: De laatste maanden publiceerde ik geen blogs.

En dat was ook het moment waarop ik stopte om ook op mijn eigen platform te schrijven.

Misschien vind ik de bewuste knop. Geef me 10 minuten totale rust in mijn hoofd, zet een technisch onderlegd mens naast mij, misschien met wat alfagolven op de achtergrond, neem die overtuigingen weg dat het mij nooit zal lukken. Misschien.

Allemaal gemakkelijk gezegd.

Telkens ik dacht dat ik nog eens moest zoeken waar dat aan-knopje stond, kwam er wel wat anders op mijn pad. Nog een dringend telefoontje, een dringende opdracht, koken, afwassen, een vriendin belt om te wandelen, vlug nog eens het bos in voor het donker wordt…

En de zoektocht naar de juiste button werd alsmaar uitgesteld. Meer nog. De knop werd groter en groter en overheerste mijn hele denken. Een knopje werd een BERG.

En dan wordt de stap terug altijd groter. Ik ging extra andere content maken, langere berichten voor facebook en insta en linkedIn schrijven. Gewoon om te verdoezelen dat ik dat ene kleine knopje niet meer vond waardoor ik geen blogs kan publiceren.

Een mens is toch een raar wezen. Terwijl oplossingen onder onze neus liggen, gaan we de aarde rond om het eenvoudige te ontlopen wat we eigenlijk moeten doen. Ik wandelde rond de berg die ik zelf creëerde maar deed uiteindelijk niet wat ik beloofd had. Raar mens. Maar wel een mens. En alles komt altijd goed.

Een spleetje tussen de tanden werd een ravijn  

Als ik aan mijn eigen verhaal denk, denk ik aan het kleine meisje met het spleetje.

Een bekende psychotherapeute vertelde lange geleden (meer dan 30 jaar geleden maar ik herinner mij het verhaal nog) dat ze een jong meisje op therapie had.

Het kind had nu eens alles: Liefdevolle ouders, een financieel welstellend gezin, een prachtig woning, schoonheid waar velen enkel van dromen, een mooie liefhebbende en bezorgde familie en goeie resultaten op school.

Maar het meisje was doodongelukkig en wou niet zeggen wat haar zo verdrietig maakte.

Sessie na sessie deed de therapeute haar uiterste best om toch te weten te komen waar het kind mee worstelde maar het bleef stil.

Het meisje had frustraties, schaamte omdat ze een klein spleetje had tussen haar voorste tanden. Het spleetje was zo klein dat ze het zelfs niet durfde vertellen aan haar ouders maar zij zat er mee. Het voelde niet goed.

Door het maandenlange stilzwijgen was de spleet in haar hoofd zo groot geworden dat het een ravijn leek. De schaamte van het kind nam zelfs toe omdat haar geheim, haar spleetje intussen de hele familie  gemobiliseerd had. Mama en papa namen verlof om leuke dingen te doen met haar, een gesprek aan te knopen. Ze deden alle moeite om hun dochter die (net als elk meisje) verdiende om te stralen eindelijk eens te laten lachen. Ze reden met haar naar de therapiesessies. Ze toonden zich een hecht gezin en durfden zelfs geen ruzie meer te maken. Hun relatie was gedwongen en gespeeld perfect omdat al wat ze mogelijks verkeerd deden gevolgen zou kunnen hebben voor het geluk van het jonge meisje. Opa’s en oma’s begonnen plots ongewoon vriendelijk te doen. Met het CLB had ze ook een gesprek en nichtjes kwamen plots meer spelen.

Dat alles maakte de spleet nog kilometers dieper. Een ravijn zo diep dat het moeilijker werd om te benoemen wat het probleem was. Tot de therapeute na veel sessie het vertrouwen van het kind  volledig won en het kind vertelde dat ze zich zo hard schaamde omdat ze een spleetje tussen haar voorste tanden had.

Een stuiter werd een bom

Heel kleine voorvallen kunnen grotere gevolgen hebben. Poetin bij voorbeeld lijkt mij een man die (door zijn ego) iets heel kleins kan opblazen. Een heel gevoelige man die daar zeker niet zal voor uitkomen.

Van Hitler wordt gezegd dat hij een Joodse grootvader had. Dat paste niet in zijn politiek. Hij wou niet dat de familiegeschiedenis achterhaald werd en legde als één van de eerste het dorpje waar zijn familie vandaan kwam,  het Oostenrijkse dorpje Döllersheim, plat.

Hoe zit dat met Vladimir Poetin, vraag ik mij dan af. Misschien heeft hij als kind verloren bij het knikkeren tegen een Oekraïense jongen. De kleine Vladimir had een fantastisch mooie rode stuiter gepikt van zijn oudere broer. En nu in dat spel verloor hij hem. Er kraakte iets in hem.

De stress om dit te moeten uitleggen aan zijn broer, de onmacht van het verlies, de vernedering ten opzichte van zijn eigen vrienden… Dat was pijn. Dat was groter dan hij zelf was (en is).

Dit kon enkel opgelost worden met een veel grotere tand of een reuzenoog.

We kunnen hier nog veel verder over fantaseren. Maar iets heeft van Vladimir gemaakt dat hij een machtswellusteling is en geen lieve jongen.

Terug naar waar ik startte. Ik heb voor de volgende 40 vastendagen wel het een en ander gepland. En toch wil ik tijd maken om elke dag te schrijven. Mijn fantasie te gebruiken, mee te gaan in verhalen die al dan niet bestaan.

Ik zie er naar uit.

Intussen is mijn berg terug een knop.

Hopelijk gaat Poetin terug knikkeren. Ik wens hem een leuke felle rode stuiter toe. Knikkeren is leuker en vooral veel veiliger dan spelen met bommen.

Tot morgen.