Boer zoekt grond waar woorden groeien

Eerst zorgen voor goeie grond

Gisteren mocht ik genieten van gesprekken tijdens een onderzoek. Leden uit het team werkten samen vanuit een zelfde visie die jaar na jaar groeide. Het startte allemaal met een gemeenschappelijk hoger doel. Ze bewerkten eerst de grond en ploegen nog steeds enthousiast verder.

Sommige zaden groeien, anderen niet. Sommige planten dijen op hun grond, anderen niet. Die hebben meer of minder water nodig. Misschien bevat hun grond te veel vetstof voor hyper allergische plantjes. Of te weinig voor zaden die heel veel vet nodig hebben. Maar de grond is goed. Daar twijfelt niemand aan.

Het team bestaat zowel uit vrijwilligers als loontrekkers. Het gemeenschappelijk doel is de schakel die hen bindt. Hun werking vraagt inzet, veel inzet maar samen vooropgestelde doelen bereiken, geeft voldoening.

Gratis snoep! Een TED-talk

Laat mij dan ook heel toevallig, (bestaat toeval wel?) gisterenmorgen deze TED-talk (link) beluisteren van Emily Esfahani Smith’s. Een zalige snoep om mijn suikervrije dag te beginnen. Ze vertelt ‘meaning is the key to a fulfilling life’. Meaning als betekenins, een meerwaarde, een hoger doel, wat je gelooft, waar je voor staat.

De snoep hielp mij om mijn positieve indrukken te kaderen.

Mensen veranderen niet van werk om succes te hebben, om meer te verdienen, om meer status te krijgen maar om een hoger doel te realiseren; kinderen goed onderwijs geven, mensen helpen bij hun genezing, kinderen opvoeden tot weerbare mensen, mensen zonder toekomstperspectief weer hoop geven.

Natuurlijk zijn er anderen maar die botsen dan maar tegen hun muren.

Mensen met een hoger doel ervaren meer geluk. Maar ook voor hen zijn muren waar er kunnen tegen botsen. En zo’n mensen kruisten ook mijn pad.

Plantgoed dijt enkel op goeie grond

Gedurende de dag mocht ik genieten van cohesie, professionele samenwerking, eensgezindheid, respect, innerlijk geluk bij mensen met een duidelijke missie en visie. De teamleden vonden elkaar in hun ideaal. Neen, om samen idealen te realiseren moet je zelfs geen vrienden zijn. Je gaat voor hetzelfde en dat is voldoende. Nieuwe mensen moeten eerst de grond waarderen en dan pas mogen ze er in. Als ze bereid zijn om de grond verder te bewerken op een respectvolle manier.

Zaden en plantsel sterven in dorre grond

Gisteravond kreeg ik een afscheidsmail van iemand met idealen die deze nu op een ander terrein zal zoeken, hopelijk vinden. Zij had een braak stuk grond gezien waar ze ideeën en doelen rond had. De grond was klaar om te bebouwen, te verfraaien. Dacht ze. Anderen zagen niet dat het de grond aan iets ontbrak en ze vond geen erkenning voor haar enthousiasme. Waarschijnlijk was er geen gemeenschappelijke droom waar haar idealen deel konden van uitmaken. De grond was niet klaar voor haar zaaigoed. Ze ploegde, zaaide en plantte maar had niet het gevoel dat er iets groeide. Ze gooit de handdoek in de ring en gaat op zoek naar nieuwe grond.

Toch beter eerst een bodemonderzoek laten doen

Een zelfde gesprek had ik vorige week met iemand die net in een leidinggevende functie begon. Iemand met visie, iemand met een missie. Daardoor had ze indruk gemaakt op de jury. Ze werd aangenomen. Hopend dat zij verandering zou brengen. Maar het team, noch het bestuur was klaar voor verandering, klaar voor haar diepgewortelde visie en missie.

‘Zo jammer‘, zei ik haar. Ik geloof sterk in haar talenten en ideeën. ‘Jij had de kans moeten krijgen om een school te kiezen die klaar was voor jou.’

Mensen aanwerven is nog te vaak een eenrichtingsverkeer. Door doelen, visies en idealen niet op voorhand af te stemmen, geraken mensen ontgoocheld. En dat voelde ik ook bij deze dame.

De boer verwerkt ook tegenslag

Toen zag ik de quote van Mandela, ‘Ik verlies niet, ik win of leer’.

Mandela heeft uiteindelijk mooie dingen gedaan in zijn leven, de apartheid aangepakt en de menselijke geest wakker geschud. Hij heeft kansen gekregen en zijn visie en levensdoelen kunnen houden en uitdragen. Maar hij heeft dit alles ook met 27 jaar gevangenis moeten betalen.

Ik hoop nu vooral dat de mensen die ontgoochelingen opliepen inzien dat ze wel geleerd hebben. Dat ze zichzelf niet verloochenden en dat ze zelfs nog meer overtuigd geraken van hun eigen missie en visie, doorheen de ontgoocheling. Ik wens hen toe dat ze zich geen verliezers voelen maar winnaars net omdat ze trouw zijn gebleven aan hun eigen idealen.

… en ploegt voort

Vandaag denk ik dus heel speciaal aan de mensen de passende grond voor hun zaden nog niet vonden.

Alles komt uiteindelijk goed, maar die tussenperiode is lastig.

Schrijven voor bewerkte grond

Voor ik teksten kan schrijven voor iemand, is het essentieel dat ik weet hoe zij hun grond bewerken en van welke plantjes de klant houdt. Pas als we elkaar begrijpen, connectie voelen, kan ik mij inleven en voor hen schrijven. Uiteindelijk schrijf je als copywriter meestal teksten waar een ander zijn naam onder zet. En dat moet juist voelen voor de klant.

Maar schrijven is daarom niet minder uitdagend voor mij. Het is boeiend om eens in de kop van een ander te kruipen.

Kwam een vrouw bij de dokter (en zijn assistente)

7 jaar heb ik psychologie gestudeerd.  7 jaar dat is langer dan een psycholoog er over doet. In mijn geval waren het bijvakken voor 3 opleidingen maar dan 7 jaar lang. Dus niet zo intens als de opleiding psychologie maar wel langer getrokken. En ik zeg nu al. Ik heb afgezien.  

Een divergent brein

Psychologie studeren, dat doet wat met een mens en zeker met deze mens en met mijn hersenen. Mijn brein pakt de realiteit zeer divergent aan. Ik leg het uit: Een brein kan convergent denken, focussen. Of aanleg hebben om divergent te denken, verbanden leggen. Wel dat van mij heeft die laatste aanleg en bij elke psychologische zelfs psychiatrische aandoening die ik moest bestuderen, ziek of gezond had ik voorbeelden uit mijn eigen leven.

Het begon al in de les. Een uur, soms twee opletten ging vaak moeilijk want in mijn hoofd zat een stem die mij onmiddellijk wees op het feit dat er indicaties waren dat ik die aandoening had. Meer nog, die stem nam mij mee naar de situatie en ik herbeleefde die alsof het NU (toen) was. Waar het hart van vol is, loopt de mond van over dus had ik de neiging om mijn buur te verstrooien of gewoon te storen met mijn voorbeelden.

Jonge mensen kunnen zich waarschijnlijk nog moeilijk een aula voorstellen waar één leraar vooraan staat en door de micro les geeft, terwijl de studenten eigenlijk doen wat ze niet laten kunnen of opletten. Dit volledig terzijde.

Psychologie studeren nam al mijn tijd in beslag

Vaak ging ik verward naar huis. Het was de tijd voor internet dus herlas ik thuis mijn nota’s of ging de aandoening opzoeken in de bibliotheek. Dit met de bedoeling meer duidelijkheid te krijgen over mijn geestelijke toestand.

Angst, bipolaire stoornis, depressie, eetstoornis,  psychose, schizofrenie, afasie, neurose of encefalitische encefalopathie, het voelde alsof ik dat allemaal had. (Die laatste aandoening is gewoon parate kennis. Ik prentte die zo hard in mijn geheugen dat ik die er nooit meer uit krijg. Als ik ooit dement ben, herhaal ik het woord nog.)  

Freud, Adler, Jung en nog veel anderen hebben er allemaal toe bijgedragen dat ik voelde dat er toch wel iets fout MOEST zijn met mij.

Ik volgde niet alleen de lessen maar ik moest de cursus nadien structureren, samenvatten, voorbeelden zoeken om indruk te maken op de examinator en blokken. En dan examens afleggen. In mijn herinnering was het examen psychologie altijd mondeling. Een kans voor de leraar om mij nog eens goed te observeren en misschien de bevestiging te krijgen dat er toch iets fout was met mij.

Ik had doorgaans ZEER goeie punten voor psychologie. Echt waar maar ik studeerde het dan ook bijzonder grondig.

Je kan alleen jezelf veranderen

Een mens moet aan zichzelf en het eigen welzijn denken en dat deed ik op de duur. Die zelfreflectie was te pijnlijk dus ging ik op een gegeven moment iedereen rondom mij analyseren. Ook daar geraakte ik vanaf. Gelukkig. Het heeft geen enkele zin om een ander te veranderen, dat kan je niet.

Intussen zijn we jaren verder en het gaat goed met mij. Vooral omdat ik gestopt ben met analyseren en ik mijn divergente brein een andere opdracht gaf; blogs en columns schrijven. Mijn hersencellen springen van vreugde nu ze alles met alles mogen verbinden, ook al heeft het weinig met elkaar te maken. Soms is het resultaat zelfs grappig.

En deze week mocht ik naar de dokter

Deze lange inleiding om tot mijn bezoek aan de dokter van deze week te komen. Ik moest op controle voor twee goedaardige tumoren die, als ze groeien, mijn hele hormoonhuishouding kunnen verwarren. Ik weet het al een paar jaar maar stelde de onderzoeken steeds uit. Zeker nadat ik deze zomer een angstaanval (zie je daar heb je het toch) kreeg tijdens een MRI-scan.  

Ik belde vorige maand een endocrinoloog. ‘Neen mevrouw, de dokter heeft een wachtlijst van meer van één jaar.’ Ze kon mij er opzetten en vroeg de reden. “Twee goedaardige tumoren”, zei ik met de nadruk op goedaardig.

Woensdag kreeg ik telefoon, ik mocht donderdag gaan. ‘De dokter neemt jou er tussen wegens de ernst van uw aandoening.’ LAP!

Vriendelijke en bekwame dokters, aan hen lag het niet

De dokter had een lieve assistente bij wie ik eerst op gesprek mocht. Ik kreeg bijzonder veel aandacht, werd ernstig genomen met al mijn klachten en voelde mij onmiddellijk veilig.

Na een dik half uur kwam de dokter binnen. Nu wil ik terloops de assistente beschrijven: Jong, slank, knap, heel verstandig maar nog in opleiding. Dus vond de dokter het nodig om heel veel uitleg te geven aan haar en ook een beetje aan mij. Ik was verplicht om te luisteren eigenlijk.  

Zij mocht daar in mijn bijzijn een soort mondeling examen afleggen. Ik wist niet dat we zoveel hormonen in ons lichaam hadden. De assistente kende ze precies ook niet allemaal. Erger was dat elk van die hormonen verantwoordelijk was voor kwaaltjes, klein en groot. Ik hoorde daar spreken over het ergste wat mij kon overkomen tot ouderdomsvlekken waarvan ik eerlijk gezegd vind dat ik er van gespaard ben gebleven. Mijn hersencellen creëerden vooral beelden bij het ergste. Ze waren het niet verleerd.

Daar is de vervelende stem weer

De stem in mijn hoofd was terug. Ik herkende heel veel van de opgesomde aandoeningen. En ik kon mij ook niet inhouden om af en toe, regelmatig zelfs, een aanvulling te laten registreren in mijn persoonlijk dossier. ‘Dat heb ik ook dokter’ . Telkens was dat zeer interessant en vuurden ze vragen op mij af om mijn probleem te ‘finetunen’. Het was heel belangrijk om zoveel als mogelijk te detecteren via het bloedonderzoek, anders moest ik terug onder de MRI. Dat argument gaf de doorslag om naar eerlijkheid te antwoorden.

Kwam een vrouw buiten bij de dokter

Ik voelde mij gezond toen ik binnen ging. Dat was veel minder toen ik het ziekenhuis verliet. Ik  bedankte de dokter en de assistente voor de goede zorgen. Maar ik zal vooral heel blij zijn als alle onderzoeken achter de rug zijn en ik gewoon mag horen dat de twee goedaardige tumoren verder GEEN ENKELE invloed hebben. Op niets.

Ik ben nog niets gaan opzoeken deze keer. Ik wil mezelf niet bang maken. Maar net stuurde iemand mij muziek door die de pijnappelklier ondersteunt in haar werking. Mooie rustgevende muziek, ik stapte 5000 stappen terwijl ik er naar luisterde. Maar met mijn pijnappelklier is niets mis, voor zover ik weet. Voor alle zekerheid vroeg ik de lieve dame of ze geen muziek had die ‘mijn klieren’ ondersteunt. Je weet nooit.

Die dokters denken ook niet aan alles als ze een therapie voorschrijven. En als ze de volgende keer nog eens zoveel vragen stellen, kan ik misschien muziektherapie voorstellen. Alles beter dan een MRI.